Header

Regels en uitzonderingen afleiding achter het stuur

Geldig vanaf 3 maart 2022

Mobiele elektronische apparaten met een scherm (wegcode art. 8.4)

Het aangepaste artikel in de wegcode (3/3/2022) zegt dat je als bestuurder geen  mobiel elektronisch apparaat met een scherm (gsm, smartphone, tablet, gps-toestel, laptop,…) mag gebruiken, vasthouden of manipuleren, tenzij het toestel in een geschikte houder zit die aan het voertuig is bevestigd (bijvoorbeeld een smartphonehouder op het dashboard).

Behalve als je voertuig stilstaat* of correct geparkeerd is, dan mag je het toestel wel gebruiken zonder dat het in de houder zit.

*De term stilstaan moet je hier interpreteren zoals hij in de wegcode wordt omschreven: ‘niet langer dan nodig stilstaan om iemand te laten in- en uitstappen of een voertuig te laden of lossen. Even halt houden voor een verkeerslicht bijvoorbeeld, wordt niet beschouwd als ‘stilstaan’.

Enkele concrete voorbeelden:

Toegelaten:

  • Tijdens het rijden je smartphone gebruiken als gps terwijl hij vastgeklikt zit in een houder op het dashboard.
  • Tijdens het rijden handenvrij bellen met de smartphone vastgeklikt in een houder op het dashboard.

Verboden:

  • Tijdens het rijden bellen met de smartphone in de hand.
  • Tijdens het rijden handenvrij bellen met de smartphone op je schoot of op de passagierszetel.
  • Tijdens het rijden je smartphone als gps gebruiken terwijl hij op de passagierszetel ligt.

Algemene regels rond afleiding voor bestuurders (wegcode art. 8.3)

Daarnaast gelden de algemene verkeersregels voor bestuurders. Die kunnen ook betrekking hebben op andere vormen van afleiding.

  • Je moet als bestuurder altijd in staat zijn om te sturen.
  • Je moet altijd in staat zijn alle nodige rijbewegingen uit te voeren.
  • En je moet voortdurend je voertuig goed in de hand hebben.
  • Je moet de vereiste lichaamsgeschiktheid hebben.
  • Je moet de nodige kennis en rijvaardigheid bezitten. 

BRON: Wegcode art. 8.3 en art. 8.4