Header

Plaats van de motorrijder op de weg

 

Plaats op de weg

  • Rijbaan verdeeld in rijstroken

    Als de rijbaan verdeeld is in rijstroken, mag je de volledige breedte van de rijstrook innemen.

  • Rijbaan niet verdeeld in rijstroken
  • Op een rijbaan die niet verdeeld is in rijstroken, mag je als motorrijder over de volledige breedte van de rijbaan rijden als het om een weg met eenrichtingsverkeer in jouw rijrichting gaat.
  • Bij tweerichtingsverkeer mag je de helft van de breedte langs de rechterzijde innemen.

Een motorrijder mag zich vrij bewegen op het gedeelte van de rijbaan waar hij mag rijden. De rijbewegingen op dat gedeelte worden niet beschouwd als manoeuvres. Je hoeft dus geen richtingaanwijzers te gebruiken als je wat meer naar links of rechts gaat rijden. Maar je mag geen hinder veroorzaken voor achterliggers die begonnen zijn met inhalen.

 

Tussen de rijstroken rijden in een file

Bij vertraagd of stilstaand verkeer mag een motorrijder andere voertuigen tussen twee rijstroken voorbijrijden (‘filefilteren’) op voorwaarde dat:

  • hij daarbij niet sneller dan 50 km/u rijdt.
  • hij niet meer dan 20 km/u sneller rijdt dan de andere voertuigen.
  • hij op autosnelwegen en autowegen altijd tussen de twee meest linkse rijstroken rijdt.

 

Motorrijders op busstroken en bijzondere overrijdbare beddingen

Motorrijders mogen op busstroken en op bijzondere overrijdbare beddingen rijden, op voorwaarde dat er een motor staat op het bord dat de busstrook of bijzondere overrijdbare bedding aanduidt, of op een onderbord.